Update over regelgeving rond bijklussen & verenigingswerk

Geschreven door Basketbal Vlaanderen in Andere op

Update over regelgeving rond bijklussen & verenigingswerk

Recent werd de regelgeving rond het onbelast bijverdienen en verenigingswerk onderuit gehaald door het Grondwettelijk Hof. Nochtans is het 'verenigingswerk' erg relevant om op redelijke & legale manier de trainers, scheidsrechters en andere medewerkers in de sportsector te vergoeden. 

De regering Michel bereikte in de zomer 2017 een akkoord over het onbelast bijverdienen. In het verenigingsleven geniet vooral de sportsector van het statuut. Voormalig Vlaams minister van Sport Philippe Muyters (N-VA) reageerde al op de vernietiging en noemde de beslissing "heel slecht nieuws voor de vele sportclubs" en hoopt op een nieuwe regeling voor de sportsector. “We zullen er alles aan doen om met een goede oplossing te komen naar onze clubs toe”, zegt secretaris-generaal van Basketbal Vlaanderen, Koen Umans.

Waarom is er nood aan een specifiek statuut in de sportsector? 

  • Er is amper professionele tewerktstelling in sportclubs. Dat vind je op een uitzondering na, enkel terug bij professionele teamsporten, specifieke sporten zoals tennis, golf of zeilen en de sportfederaties.
  • Er is geen concurrentieel nadeel voor de privésector zowel UNIZO als de syndicaten verwijzen naar tuinbouw, schilderwerken etc. 
  • Meer en meer clubs zetten in op gekwalificeerde trainers. Dit zowel op vraag van de leden als van de subsidiërende overheden. Gekwalificeerde lesgevers staan of vallen met opleiding en bijscholing. Een opleiding aan de Vlaamse Trainersschool vergt, afhankelijk van het niveau, een traject van 60 tot 200 uren + praktijkstages. Daarnaast is permanente bijscholing een must in de sport. 
  • Een maximale vergoeding van 6000 euro per jaar oftewel 500 euro per maand voor het begeleiden van sporters tijdens avonduren, weekends en verlofperiodes, zowel door trainers als sporttechnische en administratieve coördinatoren is een zeer redelijke vergoeding. RSZ- en BV-verplichtingen worden voldaan via reguliere tewerkstelling (80% minimale tewerkstelling).
  • Minimale administratieve verplichtingen is een must: geen sociale secretariaten, Dimona-aangiften, fiscale fiches,... Dit staat haaks op de clubwerking met bestuurders-vrijwilligers.

Samengevat 

  • De afschaffing van het statuut is uiteraard heel nefast voor de sportclubs en nog meer in Corona-tijden.
  • Trainers & Opleiding zijn essentieel in de sport en kunnen niet zomaar gecatalogeerd worden als vrijwilligers, waardoor de regeling inzake vrijwilligerswerk geen oplossing biedt. 
  • De principes van verenigingswerk zijn nog steeds dé geschikte oplossing voor de sportsector. 
  • Er is nood aan een wettelijk kader, zodat een gelijkwaardige prestatievergoeding blijft bestaan. Er moet dus een parlementair federaal initiatief komen. 

En nu? 

We willen snel draagvlak creëren bij de clubs en sportfederaties, samen met de collegae van andere sportfederaties in Zuid en Noord. De medewerkers van de koepelorganisatie Vlaamse Sportfederatie en de Waalse tegenhanger AISF werken aan een conceptnota met juridische onderbouw. 

Vervolgens willen we in overleg gaan met de politieke partijen en trekkers is het federale parlement benaderen. 

 “De clubs kunnen ons helpen door dit bericht te verspreiden naar hun leden en sympathisanten", zegt Koen Umans. "Hoe meer gedragenheid, hoe meer kans op succes: one team.”